Jan Roos en Dennis Schouten vervolgd voor vrouwonvriendelijke uitspraken

Het OM gaat Jan Roos en Dennis Schouten vervolgen voor het beledigen van twee vrouwen in hun online programma RoddelPraat, bevestigt een woordvoerder vrijdag aan NU.nl na berichtgeving van het AD. De presentatoren hadden seksistische en beledigende opmerkingen gemaakt over twee vrouwen.
Het gaat om de afleveringen van 16 en 23 oktober 2024. Daarin maakten Roos en Schouten denigrerende opmerkingen over het uiterlijk van de vrouwen. "Ze zien eruit als twee gebraden olifanten", zei Roos bijvoorbeeld. Ook vielen er termen als "vadsig" en "lelijk".
De vrouwen deden aangifte naar aanleiding van de uitspraken. Op basis daarvan besluit het Openbaar Ministerie (OM) de presentatoren nu te vervolgen. "Gendergerelateerd geweld tegen vrouwen is een groot maatschappelijk probleem", schrijft een woordvoerder in een verklaring. "Verbale agressie richting vrouwen, zeker door publieke figuren, draagt bij aan een cultuur waarin ernstigere vormen van geweld mogelijk worden."
De officier van justitie spreekt van een "ongebreidelde scheldpartij". Roos en Schouten moeten zich op 13 oktober in de rechtbank in Groningen verantwoorden voor de uitlatingen.
Ze herhaalden hun uitspraken donderdag in een aflevering van RoddelPraat. "Is het smaakvol? Nee, maar verder dan dat is het ook niet", zei Roos. "Vrijheid van meningsuiting wordt steeds vaker beperkt."
Roos en Schouten vaker in opspraak
Het is niet de eerste keer dat er veel te doen is rondom Roos en Schouten. Zo raakten ze begin augustus in opspraak na een interview met twee zestienjarige meisjes. Roos maakte daarin meerdere seksueel getinte opmerkingen tegen de twee meisjes. De moeder van een van hen zei te overwegen aangifte te doen.
In mei deed Naomi, een van de slachtoffers in de zedenzaak rond Ali B., aangifte tegen Schouten wegens smaad en laster. Schouten toonde destijds een foto in een aflevering en beweerde dat Naomi daarop te zien was.
KioskNews shows a cleaned-up reading view extracted from the publisher’s page — the original always lives on their site, not ours.